Alles wat we doen gaat, bewust of onbewust, samen met een prettig of onprettig gevoel. Bij iets leuks zeggen we Ha of Hoi. Bij iets vervelends klinkt eerder Bah of Balen. In het dagelijkse leven loopt de woordenschat uiteen van prettig, gezellig en fantastisch tot akelig, bang, verdrietig en afschuwelijk.
De gevoelsmeter
We kunnen deze gevoelstoestanden in een lijst zetten. Voor leuke ervaringen gebruiken we woorden als leuk, prettig, gezellig, fijn, geweldig en fantastisch. Bij negatieve ervaringen zeggen we bijvoorbeeld akelig, balen of ik word er gek van. Negatief is ook dat je ergens bang voor bent, er verdrietig van wordt of het totaal niet meer ziet zitten.
Gevoelens en het lichaam
Gevoelens hangen nauw samen met het limbische systeem, dat zich aan de onderkant van de hersenen bevindt. In dat systeem liggen enkele belangrijke onderdelen. De amygdala hangt samen met het opslaan van nieuwe emoties in het geheugen en met het oproepen van vroegere emoties bij wat we doen, zien, horen, lezen en ruiken. De hippocampus legt ervaringen vast en roept oude ervaringen op. De hypothalamus controleert de twee delen van het autonome zenuwstelsel, die ervoor zorgen dat de organen in het lichaam goed functioneren.
De invloed van gevoelens op het lichaam wordt duidelijk wanneer men gevoelige apparaten aansluit, zoals bij de bekende leugendetector. Het ene apparaat registreert de hartslag, het andere de ademhaling en een derde meet de huidweerstand. Bij stimulatie van de sympathicus gaat het hart sneller kloppen, ademt men sneller, scheiden de zweetkliertjes meer zweet af en worden de spieren meer gespannen.
De bekendste negatieve gevoelens zijn angst, boosheid en verdriet, maar ook ergernis, wantrouwen, achterdocht, schuldgevoel, zenuwachtigheid en faalangst.
Bij positieve gevoelens lijkt de tijd sneller te gaan
Leuke dingen lijken sneller te gaan. Bij vervelende dingen lijkt de tijd juist niet op te schieten, zoals bij het wachten op de bus, in een rij bij de supermarkt, voor een lift of bij de tandarts. Iets moeten doen kan weer worden vergeleken met fietsen tegen de wind in. Iets leuk vinden, en vooral ergens enthousiast over zijn, voelt als wind in de rug.
Positieve gevoelens versterken het afweersysteem
Positieve gevoelens hebben ook invloed op het afweersysteem. Als men leuke dingen doet of over leuke dingen praat, komen er meer rode en witte bloedlichaampjes in het bloed. Rode bloedlichaampjes zijn belangrijk voor het vervoer van zuurstof vanuit de longen naar de cellen en organen. Witte bloedlichaampjes kan men vergelijken met soldaten en politieagenten die virussen, bacteriën en andere ongewenste zaken opsporen, aanvallen en vernietigen.
Denken aan negatieve dingen, zoals een proefwerk, tentamen of examen waarvoor men bang is, heeft een negatieve invloed. Witte bloedlichaampjes worden ook minder sterk als men niet goed eet en daardoor minder vitamines, mineralen en sporenelementen binnenkrijgt.
In het boek Het brein als medicijn vertelt psychiater Servan-Schreiber dat twee minuten aan een ruzie denken de afweerstoffen in het speeksel urenlang kan beïnvloeden. Door aan leuke dingen te denken komt de afscheiding van die afweerstoffen weer sneller op gang.
Een belangrijke levenskunst is daarom te proberen zoveel mogelijk dingen leuk te vinden, minder negatief te reageren en je niet voortdurend aan alles te ergeren. Er zijn nu eenmaal dingen die minder leuk zijn of toch gedaan moeten worden. Het heeft geen zin daar eindeloos negatief over te blijven doen. Veel mensen gebruiken overdreven negatieve woorden, zoals vreselijk in plaats van niet leuk.
Als men een slecht cijfer heeft behaald, kan men in plaats van “klote” ook zeggen: “niet leuk, volgende keer beter.”
Als men iets moet doen dat minder leuk is, zoals huiswerk maken, kan men het in kleine stukken verdelen en over een langere periode verspreiden. Een goede studiemethode helpt om iets beter te begrijpen, beter te onthouden en betere resultaten te behalen.
Hoe is men gedurende de dag, van uur tot uur?
Men zou elk half uur kunnen noteren hoe men zich voelt. Zo ontstaat een overzicht van de algemene stemming en worden de pieken en dalen gedurende de dag zichtbaar.
Een voorbeeld van een gewone dag
Door elk half uur na te gaan hoe men zich voelt en dit te noteren, ontstaat een aardig overzicht. Bijvoorbeeld: opstaan, Bah, ik voel me nog moe en het is slecht weer. Wassen en aankleden gaan gehaast en zijn minder leuk. Naar werk of school gaan is redelijk, maar de file is vreselijk. Met bepaalde mensen praten is leuk. Telefoneren over het werk krijgt een min, privégesprekken en de lunch krijgen plussen. Het werk zelf kan prettig zijn, terwijl bepaalde onderdelen drie minnen krijgen. Het einde van de werkdag, thuiskomen, samen koffie drinken, de avondmaaltijd, een interessante televisie-uitzending, voetbal en naar bed gaan hebben ieder hun eigen waardering.
De lijn is een voorbeeld. Ieders dag kan gelijkmatiger zijn of juist sterk wisselen.
Met welk gevoel sta je op?
De eerste gedachten van de ochtend kunnen de toon zetten. De ene persoon denkt aan leuke dingen en fijne ontmoetingen die komen. De ander ziet vooral de file, een vervelende taak of een lange vergadering. Een gevoelsdagboek maakt zichtbaar welke verwachting al vóór het ontbijt op de dag wordt gelegd.
Gelijkmatig of snel wisselend
Sommige mensen zijn vrij gelijkmatig. Je weet wat je aan hen hebt. Anderen kunnen enorm snel wisselen en uit hun slof schieten. Dit ziet men vooral wanneer iemand moe is en negatieve ervaringen heeft opgepot. Denk aan een vader die moe van het werk thuiskomt en snel kwaad wordt wanneer een kind iets doet wat hem irriteert.
Mensen die van de ene op de andere seconde boos of verdrietig worden, hebben meestal weinig controle over hun gevoelens. Dit hangt samen met het limbische systeem. Het volwassen deel in hen, dat samenhangt met de frontaalkwab, is vaak zwakker. Volgens de VOK-theorie hangen gevoelens nauw samen met de kindlagen in de mens en met de Goede en Boze Ouder.
Een vak is meer dan alleen de lesstof
Of een leerling een vak leuk vindt, hangt nauw samen met de boeken, de behaalde resultaten, de docent en diens manier van lesgeven, de sfeer in de klas, de relatie tussen leerling en docent en de hoeveelheid huiswerk. Elk onderdeel kan nader worden onderzocht en een eigen Ha of Bah krijgen.
Een leerling kan geschiedenis interessant vinden, maar moeite hebben met lezen, een beperkte woordenschat of niet weten hoe een uittreksel wordt gemaakt. Boeken met veel moeilijke woorden, veel tekst en weinig beelden kunnen een extra drempel vormen. Ook onduidelijke uitleg of een onrustige klas kan de concentratie verminderen.
Een rustige docent die goed gedrag ziet, complimenten geeft, meeleeft en leerlingen met respect behandelt roept eerder Ha-gevoelens op. Een autoritaire docent die zich superieur opstelt en vernederende of cynische opmerkingen maakt roept eerder Bah-gevoelens op. Spanning en angst kunnen tijdens een mondelinge beurt, proefwerk of tentamen de prestatie belemmeren.
Zelfs wanneer lessen niet leuk zijn, kunnen vrienden op school een reden zijn om toch graag te gaan. Muziek tijdens het huiswerk kan voor sommige leerlingen helpen om een weinig aantrekkelijke taak lichter te maken.
Welke mensen geven Ha en welke geven Bah?
Aan de hand van de gevoelsschaal kan men ook mensen beoordelen, zoals een vriend of vriendin, collega, chef, broer, zus, vader, moeder, oma of buur. Men kan proberen negatieve situaties zoveel mogelijk te vermijden, maar soms is dat niet mogelijk en moet men proberen ermee te leven.
Een vriend van mij moppert enorm als er een file is. Ik zeg dan dat we daardoor geen millimeter sneller vooruitgaan en dat we beter naar mooie muziek kunnen luisteren. Sommige mensen verstaan de kunst om zich bij iedereen op hun gemak te voelen.
De kunst om minder negatief te reageren
Ieder mens moet dagelijks een portie dingen doen die minder leuk zijn. Je kunt voortdurend mopperen, maar je kunt het ook zien als een training om de wil sterker te maken. Denk erover na hoe je het handiger kunt aanpakken of schakel anderen in. Studenten kunnen samen studeren. Een goede studiemethode zorgt ervoor dat men sneller studeert en meer kans op succes heeft.
Je kunt ook een beloning in het vooruitzicht stellen: als ik dit klaar heb, mag ik van mezelf koffie drinken of iets lekkers eten. Je kunt iets doen om iets te winnen, maar ook om iets negatiefs zoals straf te ontlopen. Dat laatste is een minder goede zaak.
Bij schoolonderzoek kun je daarom veel meer vragen dan alleen of iemand een vak leuk vindt. Hoe vaak toetst de docent? Hoe zwaar telt een fout? Is er orde? Kun je over een cijfer praten? Is er geduld? Hoe wordt er gestraft? Zijn de boeken helder, staan er bruikbare voorbeelden en afbeeldingen in, hoeveel huiswerk is er en kan iemand thuis helpen? Wie goed is uitgerust en op tijd begint, ziet vaak minder tegen een taak op.
Ha en Bah in het licht van Maslow
Maslow ontdekte dat ieder mens wordt geboren met een aantal basisbehoeften. Deze moeten in grote mate worden bevredigd om tot een goede en positief ingestelde volwassene uit te groeien. We kunnen deze behoeften ook bekijken vanuit het standpunt van Ha en Bah. Genoeg te eten krijgen geeft Ha, honger geeft Bah. Zich veilig voelen geeft Ha, zich onveilig voelen gaat samen met angst, verdriet en Bah. Prettig met je ouders kunnen praten en voelen dat zij van je houden geeft Ha. Voortdurende kritiek, gemopper of gebrek aan aandacht roept Bah op.
Het blije, boze, bange en verdrietige kind
De negatieve gevoelens hangen nauw samen met het niet-oké-kind in de mens, zoals het boze, bange en verdrietige kind. Als we iets prettigs ervaren, zien of horen, reageert het blije kind in ons. Negatieve ervaringen kunnen ook het gevolg zijn van andere mensen. Vooral overdreven kritiek kan een van de kindlagen raken, waardoor we ons aangevallen voelen.
Negatief is ook wanneer men negatieve opmerkingen tegen zichzelf maakt. Daar kan men mee ophouden, vooral wanneer men begrijpt hoe men zichzelf daarmee schade berokkent.
Vragen over de Ha-Bah-schaal
Wat is de Ha-Bah-schaal?
Een eenvoudige gevoelsmeter. Hoi, Ha en Hé liggen boven de nullijn. Bah, Balen, Bang en Bedroefd liggen eronder.
Hoe vaak noteer je je gevoel?
Noteer bij voorkeur ieder half uur hoe je je voelt. Voor een eerste kennismaking kun je ook vaste momenten kiezen, bijvoorbeeld bij het opstaan, rond de lunch, na het werk en voor het slapen.
Waarom noteer je ook wat je aan het doen bent?
Dan zie je niet alleen hoe je je voelt, maar ook welke taken, plekken, gedachten of mensen vaak bij een piek of dal aanwezig zijn.
Wat betekent wind mee en wind tegen?
Een bezigheid die bij je past voelt als fietsen met de wind in de rug. Tegenzin en innerlijk verzet voelen als tegenwind.
- Stamcel.org archief, Gevoelens hebben invloed op lichaam en geest, oorspronkelijke tekst van Drs. Pieter Langedijk uit 2008.
- Gezond op Maat, Pieter Langedijk, levensbeschrijving door zijn dochter Daphne Langedijk.
- David Servan-Schreiber, Uw brein als medicijn, genoemd in het oorspronkelijke artikel.
